- OVERDRACHTSBELASTING TIJDELIJK 2%

Nieuwsbrief | 2011 | September

Op vrijdag 1 juli jl. werd officieel bekend gemaakt dat de overdrachtsbelasting op woningen door middel van een beleidsbesluit is verlaagd van 6% naar 2%. Dit is vooruitlopend op de wetswijziging. Deze verlaging is slechts tijdelijk, tot 1 juli 2012, en met terugwerkende kracht tot en met 15 juni 2011. Beslissend voor de hoogte van het tarief is de datum, waarop de overdrachtsbelasting verschuldigd is, te weten de datum van ondertekenen van de notariële akte van levering.

Met dit beleidsbesluit van de Staatsecretaris van Financiën, dat vooruitloopt op de wet wordt voorkomen dat belanghebbenden de aanschaf van een woning gaan uitstellen tot de wet in werking zal treden op 1 januari 2012.
Dit beleidsbesluit vervalt wanneer op 1 januari 2012 de wetswijziging in werking treedt.
Deze maatregel, bedoeld om de doorstroming op de woningmarkt te bevorderen, geldt alleen voor woningen bestemd voor bewoning door particulieren. Het maakt geen verschil of de koper de woning zelf gaat bewonen of gaat verhuren aan een particulier.
De ondergrond, tuin en andere aanhorigheden zoals garages, schuren, serres, aan- en uitbouwen, tuinhekken en dergelijke, die zich op hetzelfde perceel als de woning bevinden, vallen ook hieronder. Dit geldt ook voor garages, die tot hetzelfde gebouwencomplex als de woning horen.
Als een woning niet geheel bestemd is voor bewoning, geldt het tarief van 2% alleen voor het gedeelte dat voor bewoning is bestemd. Als het deel, dat voor bewoning is bestemd, qua oppervlakte meer bedraagt dan 90% kan voor de hele onroerende zaak het tarief van 2% worden toegepast.
Ook bij tijdelijke leegstand behoudt de woning het karakter van woning. Het verlaagde tarief geldt ook voor huurwoningen, tweede woningen en recreatiewoningen.

In het beleidsbesluit is uitdrukkelijk vermeld dat (onder meer) afzonderlijke garageboxen, bedrijfsgebouwen en grond bestemd voor woningbouw niet als woning zijn aan te merken en zijn belast met een tarief van 6%. Dit laatste geldt ook wanneer de gemeente groenstrookjes (tuin) verkoopt aan particulieren, die grenzen aan hun eigen woning met tuin.

Niet alleen nieuwe kopers op de markt kunnen van deze tijdelijke maatregel profiteren. Hij kan ook gebruikt worden voor het rechtzetten van ongewenste eigendomssituaties, die zijn ontstaan door allerlei fiscale wetwijzigingen.
Te denken valt aan de situatie dat in het verleden door ouders (bloot) eigendom van een woning is overgedragen aan hun kinderen onder voorbehoud van het levenslang vruchtgebruik of het zakelijk recht van gebruik en bewoning door de ouders. Dit laatste heeft tot gevolg dat bij overlijden van de beide ouders de woning geacht wordt te behoren tot de nalatenschap. Sinds 2010 wordt dan de woning in de erfbelasting betrokken voor de WOZ waarde op de datum van overlijden.
Er zijn twee oplossingen mogelijk. De ouders krijgen weer de volledige eigendom of de kinderen krijgen de volledige eigendom. In het ene geval moeten de kinderen de bloot eigendom weer terugoverdragen aan de ouders. Overdrachtsbelasting is dan verschuldigd over de waarde van de bloot eigendom (waarde woning minus de waarde van het vruchtgebruik of zakelijk recht van gebruik en bewoning). In het andere geval doen de ouders afstand van het vruchtgebruik of zakelijk recht van gebruik en bewoning. Overdrachtsbelasting is dan verschuldigd over de waarde van het vruchtgebruik of zakelijk recht van gebruik en bewoning. Wanneer het een woning betreft is in beide gevallen de verlaging van overdrachtsbelasting eveneens van toepassing.

Een ander voorbeeld van het rechtzetten van een ongewenste eigendomssituatie is het omzetten van economische eigendom in juridische eigendom.
In het verleden zijn vaker woningen door ouders aan kinderen alleen economisch overgedragen (destijds ter besparing van overdrachtsbelasting). Onder de huidige fiscale wetgeving zal voor de verkrijging van de juridische eigendom altijd overdrachtsbelasting verschuldigd zijn over de waarde van de woning op het moment van de juridische eigendomsverkrijging (de waarde van nu en niet van toen).
Ook voor deze economische eigenaren geldt dat zij nu voor een tarief van 2% de economische eigendom kunnen omzetten naar juridische eigendom.
Bij de economische eigendomsoverdracht is door de juridische eigenaren (de ouders) aan de verkrijger (het kind) in de meeste gevallen een onherroepelijke volmacht verleend, zodat de economische eigenaar de juridische eigendom zelf kan bewerkstelligen.