- GEWIJZIGDE SUCCESSIEWET Deel 1

Nieuwsbrief | 2010 | Februari

In december 2009 is het wetsvoorstel tot wijziging van de Successiewet zowel door de Tweede als door de Eerste Kamer aangenomen en de wetswijziging is per 1 januari in werking getreden. Op de valreep heeft het wetsvoorstel nog diverse aanpassingen ondergaan.
Hieronder volgt een opsomming van de belangrijkste wijzigingen.

Tarief
De nieuwe wet heeft nog maar 2 tariefgroepen (waarbij 1A een afgeleide van 1 is) en 2 schijven:



tot € 118.000,00
vanaf € 118.000,00
Tariefgroep 1
(partners/kinderen)
10%
20%
Tariefgroep 1A
(kleinkinderen)
18%
36%
Tariefgroep 2
(overige verkrijgers)
30%
40%


Vrijstelling erfbelasting

partners
(klein)kinderen
zieke en gehandicapte kinderen
ouders
overige verkrijgers
€ 600.000,00
€ 19.000,00
€ 57.000,00
€ 45.000,00
€ 2.000,00

Vrijstelling schenkbelasting

Kinderen jaarlijks
Kinderen 18-35 jaar (eenmalig)

€ 5.000,00
€ 24.000,00, ter verwerving van een eigen woning of dure studie of opleiding
€ 50.000,00 (eveneens een tijdelijke regeling voor aanvullende vrijstelling voor hen die vóór 1 januari 2010 al beroep op deze vrijstelling hebben gedaan)
Overige verkrijgers€ 2.000,00


Alle vrijstellingen zijn voetvrijstellingen geworden, hetgeen betekent, dat slechts over het meerdere belasting is verschuldigd.
Hetgeen verkregen wordt door een ANBI (Algemeen Nut Beogende Instelling) of een SBBI (Sociaal Belang Behartigende Instelling) is volledig vrijgesteld van erf- en schenkbelasting.

Partner
Het begrip partner is gewijzigd en als volgt in de wet vastgelegd:

Ad c. Deze voorwaarde gaat pas gelden vanaf 1 januari 2012. Men heeft tot die datum de tijd om alsnog een notarieel samenlevingscontract op te maken. Deze voorwaarde geldt niet voor samenwoners wanneer zij meer dan vijf jaar samenwonen.

Ad d. Deze voorwaarde geldt niet wanneer er sprake is van mantelzorg (men moet een uitkering hebben ontvangen op grond van Wet maatschappelijke ondersteuning).

Ad e. De vrijstelling, die gold voor mensen die in een meerrelatie samenwonen (bijv. drie samenwonende ongehuwde broers en zusters) is vervallen. Men zal dus een keuze moeten maken wie als partner in aanmerking komt. Wanneer iemand gehuwd is, maar ongehuwd samenwoont met een andere partner, gold onder de oude wet dat zowel de echtgenoot als de samenwonende partner in aanmerking kwamen voor de partnervrijstelling en het partnertarief. Onder de nieuwe wet is dit niet meer mogelijk en geldt dit alleen voor de echtgenoot. Voor de samenwonende partner kan deze vrijstelling en dit tarief pas gelden, wanneer de echtscheiding heeft plaatsgevonden.

De wijzigingen in de wet waren ondermeer bedoeld om de tarief- en vrijstellingenstructuur te vereenvoudigen. Deze vereenvoudiging zal niet altijd leiden tot lagere tarieven met name wanneer (klein)kinderen erven of schenkingen ontvangen. Voorts was het doel een aantal testamentaire constructies aan te pakken.
Het is verstandig om na te gaan of uw testament naar aanleiding van deze wetswijziging dient te worden aangepast.